Recensie uit Het Vaderland van 18 november
1922.![]() |
Thuvia, de Maagd van Mars, door Edgar Rice Burroughs, vertaald door
mevr. J.P. Wesselink-van Rossum. (Uitg. J.P. Swartzenburg, Amsterdam.)
Een scherpzinnig vriend, die niet de
zacht- moedigheid bezit van den kritikus, zei van dit boek: E.R.
Burroughs is op weg ten pleziere zijner lezers gek te worden. Deze
schrijver, die aanvankelijk desnoods nog sensatie vinden kon in de
oerwouden met de overbeschaafde mo- derne cultuur en techniek als
contrast, vindt thans onze afgekoelde planeet te lauw voor
zijn heetgebakerde, steeds meer gloeiende fan- tasie en zoekt zijn heil
op andere planeten, waarvan hij sterker staaltjes kan opdisschen, waar
geen tegenvallers bestaan op het gebied van tè brutale
onwaarschijnlijkheden. Waar deze naargeestige baron Von
Münchhausen redivivus de eenige is, die weet, wat er op de
planeet Mars te koop is (O, Marconi, benijdt gij
dezen grapjas niet ?), kan geen mensch hem tegenspreken,
dat de paarden daar 8 poo- ten hebben, dat het gras er vuurrood is, de
menschen groen zijn en dat de vliegmachines daar absoluut automatisch
functioneeren. Kortom, dat daar alles zóó is, dat de heer
Bur- roughs niet de minste zwarigheid ondervindt
bij het verzinnen van kolossale avonturen. Zijn
overprikkeld brein behoeft in het geheel niet te denken! Wat zal
hij nog veel boeken schrijven! Men kan de polsspieren geweldig trainen!Men heeft de moeite genomen elk woord in het Nederlandsch te vertalen, alles lettertje voor lettertje te zetten en een Hollandsche op- laag uit de geven. Een passend St. Nicolaas-cadeau, dat zijn weg naar vele jonge harten en weeke herse- nen stellig wel zal vinden! |
De inhoud op deze pagina staat onder :
copyright 2000/2007 by Marten Jonker.
|
|